Nieuws

Waarom de beveiligingswet na ruim 25 jaar aan vernieuwing toe is

Waarom de beveiligingswet na ruim 25 jaar aan vernieuwing toe is

De beveiligingswereld van 2026 ziet er totaal anders uit dan die van eind jaren negentig. Camera's worden op afstand uitgekeken, beveiligers werken op steeds meer verschillende locaties en publiek en privaat werken vaker samen. Toch wordt de particuliere beveiligingsbranche nog altijd grotendeels gereguleerd door een wet die in 1999 in werking trad: de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus, beter bekend als de Wpbr.

Dat de beveiligingswet aan vernieuwing toe is, wordt steeds duidelijker. Niet omdat de uitgangspunten van de wet waardeloos zijn geworden, maar omdat regels die ruim 25 jaar geleden logisch waren steeds vaker botsen met de huidige praktijk.

Waarom bestaat de Wpbr?

De Wpbr bepaalt onder andere aan welke voorwaarden beveiligingsbedrijven en recherchebureaus moeten voldoen. Een beveiligingsorganisatie heeft een vergunning nodig en ook aan beveiligers worden eisen gesteld.

Dat is niet zonder reden. Beveiligers krijgen toegang tot locaties en informatie waar anderen niet zomaar mogen komen en kunnen te maken krijgen met gevoelige situaties. Screening, opleiding en overheidstoezicht blijven daarom belangrijk.

Het probleem zit vooral in de manier waarop sommige regels zijn georganiseerd.

Een nieuwe werkgever betekent opnieuw toestemming

Een bekend voorbeeld is het beveiligingslegitimatiebewijs.

Op dit moment is toestemming om als beveiliger te werken gekoppeld aan het beveiligingsbedrijf waarvoor iemand werkt. Stapt een gescreende beveiliger over naar een andere werkgever, dan moet opnieuw toestemming worden aangevraagd.

De beveiligingsbranche pleit daarom al jaren voor een persoonsgebonden beveiligingspas. Daarbij staat niet het beveiligingsbedrijf, maar de beveiliger zelf centraal. Justitie en Veiligheid werkt aan zo'n persoonsgebonden toestemming.

Vooral in een sector met personeelstekorten en veel wisselingen tussen opdrachtgevers kan dat een hoop administratief werk schelen.

Ook bij evenementen knelt de beveiligingswet

Een ander voorbeeld komt uit het betaald voetbal.

Voetbalclubs kunnen niet zonder meer stewards van andere clubs inzetten wanneer zij tijdelijk extra mensen nodig hebben. Juist bij grote of risicovolle wedstrijden kan daardoor een vreemde situatie ontstaan: ergens zijn voldoende gekwalificeerde stewards beschikbaar, maar de regels maken het lastig om hen flexibel in te zetten.

De Tweede Kamer nam op 2 juli 2026 een motie aan waarin de regering wordt gevraagd de wijziging van de Wpbr snel naar de Kamer te sturen en vooruitlopend daarop onderlinge inleen van stewards mogelijk te maken.

Het laat zien hoe arbeidsmarkt en beveiligingspraktijk sneller zijn veranderd dan de wetgeving.

Omdat er altijd een plek is
waar het leuker is!

De beveiliger van 2026 doet ander werk

Er speelt nog iets groters.

Toen de Wpbr werd ingevoerd, zag het veiligheidslandschap er anders uit. Inmiddels werken particuliere beveiligers bij ziekenhuizen, openbaar vervoer, gemeenten, evenementen, winkelgebieden en kritieke infrastructuur. Technologie speelt bovendien een veel grotere rol.

Opvallend genoeg werd al enkele jaren na invoering van de Wpbr geconstateerd dat de praktijk de wet op onderdelen had ingehaald. Een onderzoek uit het begin van deze eeuw wees er bijvoorbeeld al op dat particuliere beveiligers steeds vaker in het publieke domein werkten, terwijl daar bij het oorspronkelijke beleid nauwelijks rekening mee was gehouden.

Ruim twintig jaar later is die ontwikkeling alleen maar verder gegaan.

Vernieuwen betekent niet minder controleren

Modernisering van de Wpbr hoeft overigens niet te betekenen dat de regels voor beveiligers soepeler moeten worden.

Juist nu beveiligers op steeds gevoeligere locaties werken, blijft goede screening belangrijk. Ook toezicht op malafide beveiligingsbedrijven, illegale inzet en onvoldoende gekwalificeerd personeel blijft noodzakelijk.

De uitdaging is dus om minder onnodige bureaucratie te combineren met goed toezicht.

Een persoonsgebonden pas kan bijvoorbeeld voorkomen dat dezelfde beveiliger bij iedere overstap opnieuw vrijwel hetzelfde traject doorloopt, zonder dat daarmee de eisen aan betrouwbaarheid hoeven te verdwijnen.

Wanneer komt er een nieuwe Wpbr?

Een volledig nieuwe beveiligingswet ligt nog niet klaar.

Wel wordt al langere tijd gewerkt aan aanpassingen. Het ministerie meldde eind 2025 dat met brancheorganisaties, politie, Koninklijke Marechaussee en Justis een conceptwetsvoorstel rond de persoonsgebonden pas was voorbereid.

Brancheorganisaties willen daarnaast dat ook andere knelpunten worden aangepakt. De discussie over stewards laat zien dat de politieke druk daarop inmiddels eveneens toeneemt.

Na ruim 25 jaar lijkt de belangrijkste vraag daarom niet meer óf de beveiligingswet gemoderniseerd moet worden, maar hoe snel dat gebeurt.

Want beveiliging anno 2026 organiseren met regels die grotendeels zijn bedacht voor de beveiligingswereld van 1999, wordt steeds moeilijker.