Wat agressie met jou doet na je dienst
Tijdens je dienst houd je jezelf bij elkaar. Iemand schreeuwt tegen je. Bedreigt je. Komt te dichtbij. Probeert je uit te dagen. Misschien wordt er geduwd, gespuugd of gedreigd met geweld. Jij blijft professioneel. En juist daardoor merk je soms pas uren later wat het incident met je heeft gedaan.
Tijdens het incident functioneer je. Daarna komt de klap
Op het moment zelf heb je weinig ruimte om na te denken over hoe jij je voelt. Je kijkt naar handen. Afstand. Vluchtroutes. Omstanders. Collega’s. Je beoordeelt risico’s en neemt beslissingen. Je lichaam helpt je daarbij. Je hartslag stijgt, je spieren spannen zich aan en je aandacht wordt smaller. Dat is nuttig tijdens het incident. Maar zodra je dienst voorbij is, verdwijnt die spanning niet altijd meteen. Dan begint je hoofd soms pas.
Je bent thuis, maar het incident nog niet
Onder de douche hoor je ineens die ene bedreiging opnieuw. In bed denk je: had ik harder moeten optreden? Of juist: had ik eerder moeten stoppen? Je speelt het gesprek opnieuw af. Nog één keer. En nog één keer. Sommige mensen worden onrustig. Anderen kortaf. Je kunt slecht slapen, sneller schrikken of merken dat je thuis minder geduld hebt. En soms gebeurt er ogenschijnlijk niets. Tot je de volgende dienst ineens merkt dat je scherper reageert op iemand die zijn stem verheft.
Het gevaarlijkste zinnetje: ‘hoort bij het werk’
Wie lang in beveiliging, toezicht of handhaving werkt, raakt gewend aan gedrag waar anderen van zouden schrikken. Schelden? Gebeurt. Dreigen? Ook meegemaakt. Iemand die op vijf centimeter van je gezicht staat? Volgende. Die ervaring helpt je professioneel te blijven. Maar gewenning heeft ook een nadeel: je kunt dingen normaal gaan vinden die dat niet zijn.
Agressie kan onderdeel zijn van je werkpraktijk. Dat betekent niet dat jij er niets van hoeft te voelen.
Niet het incident, maar de stapeling kan je raken
Eén agressieve burger kun je misschien makkelijk loslaten. Maar wat als het iedere week gebeurt? Steeds dat gescheld. Steeds die dreigende houding. Steeds mensen die jou filmen, uitdagen of persoonlijk aanvallen. Je hoeft niet na iedere confrontatie ingestort naar huis te gaan om er toch last van te krijgen. Juist de optelsom kan ervoor zorgen dat je harder wordt, sneller geïrriteerd raakt of continu alert blijft. En dat merk je vaak eerder thuis dan op je werk.
Professioneel zijn betekent niet dat je alles moet wegdrukken
Er bestaat geen medaille voor degene die na een ernstig incident zegt: ‘Mij doet dat niks.’ Misschien doet het je inderdaad weinig. Prima. Maar als je merkt dat je slecht slaapt, situaties blijft herbeleven, sneller boos wordt of tegen een volgende confrontatie opziet, moet je dat niet wegwuiven. Praat erover. Met een collega, leidinggevende of iemand anders die je vertrouwt. Niet omdat je het werk niet aankunt. Maar juist omdat agressie onderdeel van je werk kan zijn, moet herstel dat óók zijn. Je dienst eindigt wanneer je uitklokt. Wat er tijdens die dienst gebeurde, doet dat niet altijd.